Website Henk Gols googleb22ff19820e4ba6e.html

Pinksteren


XB2 1.3.5 Pinksteren04

Maria op Pinksteren

De illustratie op deze pagina komt uit een twaalfde-eeuws psalmboek, uit de abdij St.-Alban bij Londen. Maria en de apostelen zijn in gebed bijeen, zoals het boek Handelingen dat vermeldt (1:14). Maria is in het midden gezeten. Van omhoog daalt de Geest als een duif neer. Uit haar open bek stroomt het naar allen beneden. Wat stroomt er? Water of vuur?

Maria en de apostelen bevinden zich binnen de muren. In de muur aan de voorkant zit een deur, die nog gesloten is. Zo dadelijk zal die voorgoed opengaan en stroomt het uit de wereld in, naar de eeuwen en de culturen en over alle taalgrenzen.


Indalen

Pinksteren is dat het ware leven van Pasen indaalt in de wereld en in het bestaan van mensen. Het geheim van Pasen verbindt zich met het zuchten van de schepping en wordt het geheim van ons eigen hart. Eerdere geloofswoorden, verhalen, liederen, dogma’s, iconen, flarden van wat in de liturgie gezegd en gezongen wordt, onthullen ons plotseling hun binnenkant. Uit de vergeten schat van de traditie komen oude en nieuwe dingen tevoorschijn. Wat gestold leek blijkt te stromen. Aan wat ons eerder koud liet, blijken we ons te kunnen warmen.


Overstijgen

Pinksteren is het begin van een lange weg door de tijd en over de aarde. Het boek Handelingen vertelt over die weg: hoe de apostelen naar alle kanten pelgrimeren en allerlei soorten grenzen overschrijden. De kerk ontstaat als een beweging van mensen dwars door standen en rangen heen, ze neemt barrières en overstijgt zelfs gevoelige verschillen in religieuze achtergrond en etniciteit.


Kus op de ziel

Pinksteren is dat het stroomt in individuele mensen —  als kwamen er rivieren van levend water uit hen naar buiten, zo belooft het evangelie van Johannes (7:37-39). In de Petruskerk wordt op de avond van Pinksteren een cantate van Bach uit 1714 uitgevoerd (‘Erschallet ihr Lieder!’ - zie elders in dit blad), waarin de individuele betekenis van Pinksteren de nadruk krijgt: de Geest waait door de tuin van het hart en kust de ziel van de gelovige. Zo innig wordt het in de cantate bezongen, zo dichtbij komt het.


Logo van de kerk

Maar Pinksteren is allereerst het feest van de kerk. Pinksteren maakt losse individuen tot gemeenschap. Pinksteren verbindt. Op de illustratie wordt de verbondenheid zichtbaar gemaakt in de centrale gestalte van Maria. Wat er ook uitstroomt naar alle kanten, zij vormt het vaste midden. Zij is van de kerk het vrouwelijke logo. Ze onthult de kerk als een moeder, uit wie wij als vrije kinderen worden geboren. Een joodse moeder is ze, die ons voorzingt uit de profeten en de psalmen. Haar Magnificat vormt het ijkpunt voor het zingen en bidden van alle eeuwen: haar lofzang is vervuld is van Gods compassie en bevrijding (Lucas 1:46-55).


Obstakels

Pinksteren is het feest van de eenheid van de kerk. Kerk zijn gebeurt op zeer uiteenlopende manieren, maar alles wat verschillend gebeurt hoort wezenlijk bij elkaar. Die ontdekking moet opnieuw gedaan worden, want ondanks de oecumenische beweging in de voorbije decennia zijn tussen de verschillende kerken nog starre schotten blijven staan. Zelfs nu de plaats van het christendom in de samenleving dramatisch verandert, zie je in onze stad de verschillende geloofsgemeenschappen los van elkaar naar eigen oplossingen zoeken. De schotten maken dat het christelijk geloof niet overtuigend naar de toekomst stroomt. Of dat de stroom zich buiten de enge beddingen van de afzonderlijke kerken om een weg zoekt.


Doorbraak

Toch breekt de Geest door institutionele en kortzichtige obstakels heen: ze maakt op haar eigen wijze dwarsverbindingen. Het is opmerkelijk dat juist de liturgie de plek is waar de Geest in onze dagen breed uitstroomt. Het protestantse Dienstboek (deel 1: 1998; deel 2: 2004) en het nieuwe Liedboek (2013) verbinden ons definitief met stroomgebieden uit heel de kerk.

Ook individuele gelovigen beleven hun dijkdoorbraken. Kijk ik naar mijzelf: ik ben een protestantse dominee die put uit de spirituele bron van benedictijnse kloosters en van de orthodoxe liturgie. In de dagelijkse getijden ben ik gewoon de psalmen te zingen op gregoriaanse en anglicaanse wijze. Wat is nou mijn identiteit? In elk geval dekt ‘protestants’ de lading allang niet meer. Dat hoeft ook niet, want volgens de kerkorde belijden wij niet ons protestants zijn, maar de katholiciteit van de kerk. Wij horen bij een wijdere figuur, bij de alsmaar doorgaande verbindende beweging die vrijmoedig door afscheidingen van tijd en ruimte heen breekt.

Pinksteren is de vreugde om het samen kerk mogen zijn, het is het feest van de wederzijdse herkenning en uitwisseling. De verschillende taalvelden en rituelen, de onderscheiden manieren van zeggen en bidden en zingen dragen in hun veelkleurigheid bij aan de ene lofzang op de grote daden van God. Die daden worden herkend in onverwachte grensoverschrijdingen en verbindingen die in kerk en wereld tot onze verbazing steeds weer mogelijk blijken.


Heilzame verwarring

In onze Nijmeegse protestantse gemeente houden we ons bezig met kerkvernieuwing. We wagen het nieuwe vormen van kerk zijn uit te proberen. Maar waaruit putten we? Hoe voorkomen we we dat we bij al onze ad-hoc probeersels gefrustreerd en uitgeput raken? Pinksteren heeft te maken met stroomgebieden die gevonden worden. Binnen de kerk van alle tijden en plaatsen liggen bronnen te wachten, die we nog nauwelijks hebben geëxploreerd. Hoe zouden we zoeken naar vernieuwing zonder die wachtende brongebieden aan te boren — ook als ze buiten onze protestantse grenzen liggen en, o schrik, al eeuwenoud zijn?

Met wat oud of nieuw heet te zijn, speelt de Geest een vrolijk spel. In zijn toespraak op Pinksteren neemt Petrus oude woorden in de mond en toch klinken ze helemaal nieuw (Handelingen 2). Oud en nieuw lopen verwarrend door elkaar. Wat nieuw lijkt, blijkt al gauw versleten en wat oud is en al werd afgeschreven, meldt zich jong en fris en spreekt tot de verbeelding van een nieuwe generatie. Tot onze verrassing heeft de traditie de toekomst. Pinksteren is dat dat allemaal kan. Er gebeurt iets, eindelijk.


Henk Gols


Gepubliceerd in het mei-nummer (2014) van het Nijmeegse protestantse kerkblad Over en Weer.